Stond al lang in een kladje..
Donderdagnacht 21/02/08
Only Dead Fish Follow the Stream
Donderdagnacht 21/02/08
Only Dead Fish Follow the Stream
“You’re never around when I need you”
Zeg nu zelf, die zin hoor je heel vaak. In soaps, in films, in liedjes, en zeker in het echte leven. We vallen terug op vrienden, familie en liefjes wanneer we ons slecht, alleen, hulpeloos voelen. Die anderen kunnen er echter niet altijd zijn voor ons. Logisch, iedereen heeft recht op een leven. Toch verwachten we dat, toch kunnen we het gebruiken als een verwijt, omdat het ons frustreert, omdat de oningevulde verwachting ons nog eenzamer, slechter, hulpelozer doet voelen.
“I’m always around when I need me”
… Lijkt mij een logische respons op die oneindige herhaling van zin 1. Moesten we op onszelf kunnen terugvallen, zijn er geen oningevulde verwachtingen, geen frustraties, zouden we niet hulpeloos worden van het moment dat er niemand is om raad aan te vragen. De raad die we onszelf geven geloven we ook makkelijker, we volgen die altijd op.
Logica is spijtig genoeg geen goede basis voor een relatie. Of toch de simpele logica niet, men moet verder denken dan uit A volgt B. Uit A volgt B, maar misschien ook C. Of misschien zijn het net A en C die B vormen…
A: we hebben iemand nodig, maar die iemand kan er niet steeds zijn
B: Ik kan er wel altijd zijn voor Ik, dus ik leer op mezelf steunen
C: Een relatie komt voort uit wederzijdse noden. De nood om te lachen, om te praten, om te delen, om te troosten, om getroost te worden. In een relatie wil men elkaar kennen, men wil weten wat er in de ander zijn/haar hoofd omgaat. Men geeft graag raad, zo voelt men zich nodig en belangrijk (*pats* daar gaat uw illusie van altruïsme). Als men alles voor zichzelf houdt, voelt de andere zich te kort gedaan.
A+B+C= een heel groot vraagstuk. Om het in typische hedendaagse uniefwijze op te lossen: Interdisciplinariteit! Pluk van zelfstandigheid wanneer nodig, maar enkel de voordelen, laat de nadelen achterwege, los die gewoon op met afhankelijkheid! Jeeheej! Feest!
Was het maar zo easypeasy.
Hyper
Happy
Hyper
Happy
Happy
Hyper
Hyper
Happy
Happer
Hyppy
Hyppa
Hypper
Hypar
*50ste eindeloze lachbui*
Daar staat ge dan. Een zak op uw rug die wel meer zou kunnen wegen dan uzelf, een hondentransportbak met zes ratten in, waarvan ge eentje zéker niet moogt agiteren wegens haar historische paniekaanval de vorige treinrit, een zak met voorzieningen voor diezelfde ratten, en een lichaam dat immens moe is van de avond voordien.. Neen, natuurlijk is er geen zitplaats, en natuurlijk is er niemand die even vriendelijk opzij wilt gaan zodat je op zijn minst die rugzak kan neerploffen.
Dus, daar sta je dan, met het gevoel dat je armen worden afgesneden door die trekzak. Je kijkt uit naar het moment dat je mag afstappen, en na een half uur is dat moment er eindelijk. Dan, denkt ge: ha, die mensen die wel konden zitten zullen op zijn minst zo hoffelijk zijn de mensen die de hele tijd moesten rechtstaan eerst te laten afstappen. Tot je Madam Irritatie ziet, die persé net voor u wilt afstappen, terwijl je gezichtsuitdrukking schreeuwt: “ik wil af die fucking trein!!” Gelukkig weeg je het dubbele van wat je anders weegt en neem je dus ook heel wat meer plaats in, waardoor je toch nog net voor haar kan afstappen, weliswaar begeleid door een paar duwen van de vrouw in kwestie.
Dan sta je op het perron, blij wat frisse lucht te kunnen inademen, geduldig aan het wachten tot wanneer de meisjes voor je hun koffers goed vast hadden gepakt. Ja, daar is ze weer: Madam Irritant vindt het persé zo nodig om te gaan duwen, en duwen, en duwen. Je ziet je bak vol ratten geperst worden tegen een andere koffer, de ratten erin raken nogal zenuwachtig. Toch geeft ze nog een duw, een die je zak nog eens naar beneden trekt, je rug lijkt in twee te breken.
“Mens, er is niemand in een straal van 5m die wilt dat ge leeft, gaat ge ermee stoppen, of ge gaat nog wat tegenkomen”
En natuurlijk zijn het dan die studentjes die voor overlast zorgen, hé. De overlast noemde nochtans Madam Irritant.
Schoenen zijn verkrijgbaar in de New Kicks vlakbij de Grote Markt in Brussel. Já, met pompje er op en eraan, ze staan lijk mégaduidelijk aan de ruit met “pumpers” ofzowiet dernaast (allesinds een woord afgeleid van “to pump”)
“Shit, ik was aant hopen dat ge het zelf nog niet wist”
*kuchtstiktgorgelkuchschraapstikstikstik*
realistische vintage paspoppen!?!?!? Dames en heren, richt uw ogen eens wat hoger, en aanschouw die armpjes en beentjes. Nu, buiten uw nichtjes van 8 jaar en dat enge mens van die campagne van Benetton, hebt u al zulke stokkepootjes kunnen aanschouwen in real life? En daar nog eens bovenop: in combinatie met borsten in C-cup *frons* Laten we maar al blij zijn dat hun buikjes al bijna in de buurt komen van een realistisch tienerbuikje -_- Verschrikkelijk dat die poppen mensen moeten vertegenwoordigen van 16 tot 60 jaar… Of gewoon: dat ze mensen moeten vertegenwoordigen op zich al, als er hier ooit aliens landen zouden ze er waarschijnlijk nog zo kunnen uitzien.
Wat ik er nog creepy-er aan vond: kijk naar hun ogen. Ogen? Waar? Achter al die oogleden die naar beneden zijn? Cool om te weten; mensen die beantwoorden aan dat überrealistische ideaal kunnen uw vriendje niet inpikken wegens hun onvermogen tot oogcontact, jeheej!

Euhm ja, ik koos de banner omwille van die bizarriteiten, ik ben ook bizar 0:) Tjah, ‘t is wel een leuke foto voor de rest he En focus u vooral op het goede nieuws, dat van dat oogcontact